WE 300 – Gezondheid

Schoolziek.

Mam wil je naar school bellen dat ik ziek ben, mijn hoofd tolt. Met lodderige ogen kijkt hij haar aan en komt zuchtend en steunend half overeind . Zijn mond is kurkdroog en hij heeft het gevoel dat zijn lippen barsten.

De zestienjarige tiener heeft de smaak van het uitgaanswereldje te pakken.
In de weekenden werkt hij van vijf tot elf uur ’s avonds in de keuken van een restaurant met nog enkele vrienden en nadien blijven ze hangen en genieten van een drankje.. waarna ze soms ver na middernacht huiswaarts gaan.

Nu is het kermis in zijn woonplaats en daar wil hij de maandag en dinsdag ook van genieten, tenslotte is het zo dat de school, die een half uur reizen met de trein van zijn woonplaats vandaan is, geen snipperdagen geeft.

Mooi niet. Bed uit… nú.  Jij ziek? Sinds wanneer? Gisterenavond was je anders zo fit als een hoentje.
Toen je vannacht thuiskwam dreunde je lach door de straat en zeker weten dat niemand jou verhaaltje over ziek zijn gelooft. Mij maak je het zo wie zo niet wijs.

Mam als de school het maar gelooft is genoeg. Ze weten daar toch niet dat het hier kermis is.

Nee misschien niet maar ík weet het wel en ga nu niet, dan niet en nooit niet, staan liegen aan de telefoon. Er wordt niet gespijbeld . Nogmaals …bed uit, je hoofd onder de kraan en opschieten.
Een dubbele boterham en glas vruchtensap staan voor je klaar.

Mopperend loopt ze de trap af, zichzelf schuldig voelend omdat ze veel te toegeeflijk is en neemt zich voor die avond een stevig gesprek met hem aan te gaan en duidelijke afspraken te maken omtrent die uitgaansavondjes.

Voetstappen rennen de trap af en even later knalt de voordeur met een doeiii… mam tot vanavond, dicht.


Posted in Weblog by with 17 comments.

Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *