WE 300 – Nadenken

Het is jou schuld, jou eigen schuld. Hoe stom kun je zijn nu is je broek gescheurd en zwaait er thuis wat voor je. Altijd kruip je mij achterna, overal. Ze springt van de tak, althans ze wil van de tak springen, ziet het afgebroken stuk zijtakje niet en …..even….  één tel blijft ze hangen, een kraaaaaak en ze belandt met de billen op de grond. Drie meter is niet hoog maar toch voelen haar billen alsof ze driehonderd  kilometer heeft gefietst.

Moeizaam staat ze op en wanneer ze haar ene hand naar achteren schuift, om zacht wat steun te geven schuiven de vingers door een scheur naar binnen. Ze kijkt naar haar broertje en in plaats van de triomf die ze eerst voelde voelt ze nu verbondenheid doch zegt niets.
Met gebogen hoofdjes keren ze huiswaarts en vergeten dat er een paar witte, nou zeg maar grijze, natte sokjes in de seringenboom hangen door haar uitgetrokken omdat ze, alvorens in de boom te klimmen, eerst nog met de voeten in de blub terecht kwam.

Omzichtig sluipen ze langs de achterdeur naar het washok in de hoop er snel het vuil van de handen en gezicht te kunnen wassen en daarna ongezien via de andere kant naar binnen en naar boven te kunnen glippen. Helaas.

Moeder zag ze aankomen. Bedremmeld blijven ze stil staan . Wassen en naar binnen  zegt moeder. Was jij maar eerst je handen maant ze broertje, dan kun je vast naar binnen. Als broertje weg is haalt ze snel het katje onder het jasje vandaan, wikkelt het in een handdoek loopt naar binnen .

Jij de broek en jij de rok gescheurd. De rest van de week na school binnen blijven en helpen. Jullie wisten dat jullie je eerst moesten omkleden.
Moeder dit is nu mijn katje Sheila. Mag het ?

 


Posted in Weblog by with 17 comments.